volleybaltraining

Wat doe je als volleybaltrainer tijdens de training?

In eerdere blogs hebben we het gehad over trainingsvoorbereiding, namelijk over het maken van een goede trainingsoefening en over het startmoment en de warming-up van jouw training. Die voorbereiding is natuurlijk het halve werk, maar wat is die andere helft? Wat wordt er van jou verwacht tijdens de training, en waar moet je allemaal op letten? In onze opleidingen VT2 en VT3 komt dit uitgebreid aan bod. Daarin behandelen wij hoe je een training opbouwt, wat je als trainer moet/kunt doen tijdens een training en hoe je observeert en analyseert. Bovendien leren we je methodiek en didactiek, planning, tactiek en techniek. In deze blog geven we je alvast een handig didactisch werkschema voor tijdens de training:

Stap 1: Initialisatie
  1. Leg de te trainen beweging uit
  2. Leg de organisatie uit
  3. Start de oefening
Stap 2: Observeer

Neem een positie in van waaruit de oefening goed kan worden overzien. Let op:

  1. Veiligheid en gedrag: Indien deze onvoldoende zijn, direct ingrijpen en corrigeren. Jij bent en jij zet de norm.
  2. Het voorbeeld: Heb ik een goed voorbeeld gegeven? Was het goed zichtbaar (plaats en afstand tot groep?) Is het voorbeeld overgekomen bij en overgenomen door de spelers?
  3. De organisatie: Klopt de organisatie met mijn voorbereiding? Loopt alles zoals verwacht? Werkt de organisatie in de praktijk

Deze zaken moeten alle drie voldoende zijn, voordat je verder kunt gaan met de volgende stap!

Stap 3: Groepsaanwijzing

Er is nu veiligheid, het gedrag is binnen de normen, het voorbeeld is duidelijk en de organisatie klopt.

  1. Observeer de uitvoering van de beweging (denk aan de accenten die je aangegeven hebt).
  2. Zoek de meest voorkomende fout.
  3. Leg de oefening stil.
  4. Herhaal stap 1, en geef bij stap 1a nu een aanwijzing / correctie aan de hele groep met betrekking tot de meest voorkomende fout. Vergeet de aanwijzing niet te motiveren.

Zorg ervoor dat de oefening zo kort mogelijk stil ligt, en geef de aanwijzing zo kort en krachtig mogelijk.

Stap 4: Controleer
  1. Jezelf: Heb ik echt gekeken wat er fout ging, of had ik deze aanwijzing al van tevoren bedacht?
  2. De groep: Zie ik resultaat van de groepsaanwijzing bij een aantal spelers?
Stap 5: Observeer weer

Als er fouten zijn die door meerdere spelers worden gemaakt, dan is het waarschijnlijk zinvol om hier wederom een groepsaanwijzing voor te geven. Ga hiervoor terug naar stap 3c, maar nu dus met een andere aanwijzing. (Maar blijf binnen je accent).

Let op: spelers ervaren het als negatief als een oefening (vaak) wordt stilgelegd. Bepaal zelf wat de grens is tussen een nieuwe groepsaanwijzing en het doorgaan naar stap 6, de individuele benadering.

– De tekst gaat verder na de foto –

Stap 6: Individuele benadering
  1. Observeer de individuele spelers (allemaal).
  2. Als de groepsaanwijzing niet is overgekomen (de speler doet het nog steeds fout)
    a) Geef de groepsaanwijzing individueel. Ook hier weer: met andere woorden, met een nieuw voorbeeld, blijkbaar ben je niet goed overgekomen op deze individuele speler.
    b) Loop niet direct na het geven van de aanwijzing weg, maar blijf observeren.
    c) Geef, voordat je naar verder gaat naar de volgende speler, aan wat je van de uitvoering vindt.
  3. Als de speler de groepsaanwijzing goed heeft opgepakt (of niet nodig had), maak dan een compliment.
  4. Observeer of deze speler een individuele aanwijzing nodig heeft. Doet deze speler iets fout wat de anderen goed doen? Wijs eventueel op een andere speler die deze specifieke fout niet maakt.
  5. Als de speler de complete oefening goed uitvoert, maak dan een compliment. Deze speler kan de oefening wellicht voordoen aan de rest van de groep.
Stap 7: Differentieer
  1. Maak met behulp van voorbeelden duidelijk, dat het gerechtvaardigd is dat bepaalde spelers een volgende / moeilijkere vorm gaan uitvoeren.
  2. Laat één van de betere spelers de beweging voor de hele groep voordoen.
  3. De betere spelers kunnen die spelers die nog niet zo ver zijn ondersteunen, of voor hen als voorbeeld dienen tijdens de oefening.
  4. Geef een volgende / moeilijkere vorm aan de gevorderde spelers.
  5. Maak de spelers ervan bewust, dat ze van elkaar kunnen leren.
Tot slot
  • Via dit schema werk je van groepsaanpak naar individuele aanpak.
  • Werk altijd met complimenten en positieve correcties.
  • Belonen werkt beter dan straffen. Complimenteer gewenst gedrag.
  • Blijf kritisch kijken naar je eigen functioneren. Analyseer je eigen gedrag, ontplooi jezelf.
Interesse in één van onze opleidingen?

Kijk dan eens hier of neem contact met ons op via info@scherp-volleybal.nl.